Toekomstplan Zaanse Schans:

een reflectie op het huidige ‘ticketmodel’ en het alternatief ervoor.

Door: Lokaal Zaans, feb. 2026

Erfgoed beschermen doe je niet met hekken, maar met draagvlak en regie

Lokaal Zaans wil meteen heel duidelijk stellen:

Het belang van erfgoedbehoud op de Zaanse Schans staat voorop. Dat is ooit ook de doelstelling geweest voor de oprichting van de Zaanse Schans:

‘Begin 20e eeuw dreigden veel houten panden uit de Zaanse bloeiperiode te verdwijnen door verval. Een groep liefhebbers redde deze gebouwen door ze te verplaatsen naar wat later het “dorpje van Schipper” werd: een Zaanse woon- en werkbuurt zoals die er in 1850 uit had kunnen zien, zodat het verhaal van de Zaanstreek ook in de toekomst verteld kan blijven worden.’

De molens, de historische panden en de ambachten: dat is de reden dat mensen uit de hele wereld naar de Zaanse Schans komen. Voor een levend stukje geschiedenis. Het was echter lange tijd niet zo toeristisch als het nu is; dat is eigenlijk pas van de laatste twintig jaar. Er kwamen bewoners en ondernemers en samen met eerst de gemeente is er een marketingprogramma opgezet om ook geld voor het beheer te genereren. De klompenmakerij en kaasboerderij(sinds 1987) zijn inmiddels al deccennia onderdeel van de Zaanse Schans.

De Stichting Zaanse Schans is opgericht in 1961. Zij kreeg de Zaanse Schans in beheer, inclusief parkeerterrein voor 1 gulden van de gemeente. Door het heffen van huren en parkeerkosten konden zij het beheer uitvoeren. Dat is jarenlang ook zo gelukt.

Eigenlijk zijn er nu vijf problemen die opgelost moeten worden en waar we zorgvuldige stappen in moeten zetten. Stappen die we met elkaar moeten zetten. Partijen die in het verleden hebben bijgedragen aan het succes van de Zaanse Schans kun je niet als oud vuil aan de kant zetten als het succes wellicht iets te groot is geworden.

Problemen los je samen op, ons inziens. De vijf problemen zijn, grof geschetst:

  1. De drukte op piekdagen.
  2. Parkeeroverlast in de buurt (ook buiten piekdagen).
  3. De hoge kosten voor achterstallig onderhoud (€ 16 miljoen) en de jaarlijkse exploitatie (+/- € 3 miljoen) van het Zaans Museum.
  4. De kosten voor het onderhoud en de verduurzaming van het erfgoed.
  5. Te weinig scheiding tussen fietsers en voetgangers, met gevaarlijke situaties tot gevolg.

De gekozen route om van de Zaanse Schans een ‘erfgoedpark’ te maken, inclusief verplichte entreeheffing (€ 17,50 en meer), is wat ons betreft niet de route om bovenstaande problemen op te lossen. Sterker nog: deze route gaat verzanden in juridische trajecten en levert onder aan de streep niet de fictieve zak geld op waar iedereen op hoopt, maar gaat alleen maar geld kosten. Een plan dat begint met het beëindigen van de openbaarheid van het gebied, het plaatsen van loketten en het juridisch afgrenzen van een woon-werkgebied, is wat Lokaal Zaans betreft geen vanzelfsprekende stap vooruit. Het is een radicale ingreep met grote juridische, financiële en maatschappelijke gevolgen. Wie erfgoed echt centraal stelt, kiest voor een plan dat juridisch houdbaar, bestuurlijk uitvoerbaar en maatschappelijk gedragen is. Niet voor een model dat al bij voorbaat verzandt in procedures, planschade en langdurige conflicten.

Wat zien we dan in de praktijk?

Onze mensen wonen en werken al vele jaren op en om de Zaanse Schans. We volgen al vele jaren de gesprekken en zien van binnenuit waar het beter kan en moet. Het lijkt allemaal erg ingewikkeld, maar dat hoeft het helemaal niet te zijn als men met elkaar een eerste belangrijke stap zet: respecteer elkaar en ga met elkaar een gedragen plan maken, in plaats van: ‘ik ben de baas over jou en ik hoef niet naar je te luisteren’.

1. Erfgoedbehoud vraagt rust: geen permanente strijd

Erfgoed kan alleen worden beschermd in een stabiele omgeving.

Wat zien we nu? Een plan dat uitgaat van onttrekking aan de openbaarheid. Een plan dat bewoners en ondernemers direct raakt in hun rechtspositie. Een plan dat vrijwel zeker tot juridische procedures leidt. Niet alleen van ondernemers, maar ook van bewoners, omwonenden en mogelijk grondeigenaren. En een plan waar financieel het molenerfgoed onderaan de lijstjes bungelt.

Dat zijn geen details. Het betekent jaren onzekerheid. Het betekent vertraging. En dat proces is nu al aan de gang. Dat betekent geld dat naar advocaten gaat in plaats van naar onderhoud van molens.

Wie denkt dat je met een juridisch gevecht erfgoed sneller beschermt, vergist zich. Erfgoedbehoud begint met bestuurlijke wijsheid. Met de vraag: wat werkt daadwerkelijk en wat veroorzaakt vooral schade?

2. Het verkeerde probleem wordt nu met het verkeerde middel opgelost

Er worden twee dossiers door elkaar gehaald.

Het eerste dossier is drukte en leefbaarheid. Dat vraagt om betere verkeersregie, parkeeroplossingen, handhaving, routing en piekmanagement.

Het tweede dossier is financieel. Het Zaans Museum kampt met forse onderhouds- en exploitatielasten. De vraag hoe dat zo gekomen is, laten we in dit plan buiten beschouwing, maar is wel een aandachtspunt voor de toekomst, om onderhoud goed vast te leggen. Dat vraagt om een realistische businesscase en heldere keuzes, zonder vermenging van problemen.

Het huidige afsluitingsmodel probeert beide problemen tegelijk op te lossen via één ingrijpend middel: verplichte toegangsheffing via afsluiting.

Dat is bestuurlijk gemakzuchtig. Drukte los je niet automatisch op met een hek, al is het een virtueel hek. Verkeersveiligheid verbeter je niet met een loket. En een structureel begrotingsprobleem van het museum wordt niet opgelost door een juridisch risicovol entreegebied te creëren.

Sterker nog: als de inkomstenramingen tegenvallen, en daar zijn reële risico’s, blijft de juridische schade, maar verdwijnt de financiële zekerheid.

Dat is geen solide erfgoedstrategie. Eerder een soort dictatoriale wanhoopspoging.

3. Het frame van “de toerist betaalt niet” klopt niet

Er wordt vaak gezegd dat de Zaankanter betaalt en de toerist niet. Dat is te simpel.

Toeristen betalen entree bij molens, entree bij musea, parkeergeld en bestedingen bij ondernemers. De Zaankanter betaalt nu, net als in geheel Zaanstad, mee aan publieke taken zoals onderhoud van de openbare ruimte.

De hoge kosten voor de Zaanse Schans zijn nu vrijwel geheel toe te schrijven aan subsidie voor het Zaans Museum en de hoge kosten voor renovatie ervan. Het museum kan zonder deze flinke subsidies niet draaien, ook al ligt het op een zeer toeristische locatie. Ter vergelijking: voor het Zaantheater betaalt de Zaankanter ook. Ook het theater kan niet draaien zonder subsidie. Maar het is niet eerlijk om deze kosten toe te schrijven aan ‘de problemen van de Zaanse Schans’.

Zie in de bijlage hieronder de kosten die Zaanstad maakt voor het Zaans Museum en het Zaantheater, ter vergelijking.

Als we dat vertalen naar wat de Zaankanter betaalt voor het Zaans Museum en het Zaantheater, is dat € 23 per jaar voor het Zaans Museum en € 25 per jaar voor het Zaantheater (als we de kosten voor renovatie over twintig jaar afschrijven).

Maar er zit natuurlijk wel degelijk een gat in het inkomen van de Zaanse Schans. Dat zit bij specifieke bezoekersstromen: touringcars die toeristen droppen om geen parkeergeld te hoeven betalen; OV-bezoekers die geen parkeerbijdrage leveren; snelle groepsbezoeken zonder structurele gebiedsbijdrage omdat ze geen entree betalen.

Dat vraagt om gerichte oplossingen. Niet om het op slot zetten van een heel woon-werkgebied.

4. Erfgoed eerst betekent: een juridisch houdbaar pad kiezen

Wie erfgoed centraal stelt, moet een vraag durven stellen: wat is de kans dat dit plan(het omstreden ticketmodel) standhoudt bij de rechter? En in het verlengde daarvan: wat raken we kwijt als we zo doorzetten? Draagvlak, tijd, geld en uiteindelijk de mogelijkheid om het erfgoed in stand te houden.

Onttrekking van openbaarheid in een gemengd woon-werkgebied is juridisch complex. Het raakt eigendomsrechten, huurposities, ondernemingsvrijheid, verkeersbesluiten en mogelijk zelfs Europese vrijheden.

Het risico op langdurige procedures is reëel. En elke procedure betekent vertraging van investeringen in onderhoud, veiligheid en kwaliteit. Erfgoed heeft geen baat bij juridische stilstand. Erfgoed heeft baat bij een uitvoerbaar plan.

Ook heeft erfgoed baat bij het laagdrempelig kunnen bezoeken van een ieder die dat wil. Gewoon om ervan te genieten, om ervan te leren en het verhaal van de geschiedenis te kunnen blijven vertellen.

5. Een beter alternatief: drie sporen zonder afsluiting

Wie erfgoed serieus neemt, kiest voor een plan dat direct uitvoerbaar is. Door om te beginnen de problemen te ontrafelen en zo op te lossen.

Spoor 1: Veiligheid en leefbaarheid structureel organiseren

  • Vast piekdagenplan. Met spoed.
  • Het had er allang moeten liggen.
  • Tijdsloten met gedifferentieerd parkeertarief voor touringcars om toeristenstromen beter te spreiden.
  • Consequente handhaving op foutparkeren en ongewenste stops.
  • Handhaving op zakkenrollers.
  • Fysieke en visuele ontvlechting van fiets- en voetgangersstromen.
  • Bouwen van een parkeergarage.
  • Hiervan zijn onderdelen direct uitvoerbaar; andere vergen meer tijd. Dit vermindert de drukte en vergroot de veiligheid zonder een hek te plaatsen. Nb. Het is niet altijd druk op de Zaanse Schans. De foto’s die gemaakt worden van de drukte zijn altijd van de piekdagen rondom de keukenhof periode. Een plan voor piekdagen had er al eerder moeten liggen, maar we hopen dat dat nu iig snel wordt opgepakt.

Spoor 2: Heldere governance en rolzuiverheid

Het is een openbare woon-werkbuurt. Dat betekent dat het logisch is dat de overheid een regierol heeft en de maatschappelijke belangen behartigt.

  • Gemeente handhaaft, beheert de openbare ruimte, voert regie en int de parkeerinkomsten (neemt dit weer over van Stichting Zaanse Schans).
  • Stichting Zaanse Schans focust op onderhoud en verhuur van de panden. Niet op handhaving. Niet op besluitvorming binnen de Zaanse Schans. NV en Stichting als 2 aparte entiteiten behouden voor het optimaal borgen en beschermen van de panden.
  • Vereniging Zaanse Molen focust op haar eigen molens, zoals zij dat al jaren doet.
  • Zaans Museum focust op beheer en exploitatie van haar collectie.
  • Bewoners kunnen hun stem laten horen via het bewonersoverleg; de gemeente weegt de belangen mee.
  • Ondernemers kunnen hun stem laten horen via het ondernemersoverleg; de gemeente weegt de belangen mee.
  • Geen vervaging van verantwoordelijkheden.

Daarnaast wordt een structureel overlegorgaan ingericht waarin bewoners, ondernemers, molens, museum, stichting en gemeente periodiek samenkomen. Geen crisisoverleg, maar een vaste overlegstructuur met duidelijke agenda en verslaglegging, waarbij alle belangen met respect voor elkaar worden afgewogen door de gemeente.

Wat níet nodig is, is een bestuurlijke fusie van erfgoedpartijen. Dat vergroot financiële risico’s en vervaagt verantwoordelijkheden. Professionalisering van organisaties, bijvoorbeeld bij de Zaansche Molen, is verstandig. Wellicht tot een POM (professionele organisatie monumenten). Maar bestuurlijke samenvoeging lost financiële problemen niet op; het maakt ze alleen groter (als de Vereniging Zaanse Molen dan ook verantwoordelijk wordt voor de onderhouds- en exploitatietekorten van het Zaans Museum).

Spoor 3: Een eerlijk, juridisch robuust verdienmodel

  1. Bijdrage van alle bezoekers aan de Zaanse Schans (duinkaart-type model) Iedere bezoeker die op de Zaanse Schans komt, betaalt een bijdrage aan het onderhoud van de Zaanse Schans en haar erfgoed. Dit wordt vastgesteld op € 2 à € 3 per bezoeker (voor alle bezoekers) en blijft een behapbaar (laag) bedrag.
  2. Molen en musea behouden hun eigen entreeprijzen. Zo mogelijk in een verbeterde (en betaalbare)Zaanse Schans Card.
  3. Parkeeroptimalisatie
    Tariefdifferentiatie bij piekbelasting en volledige handhaving op foutparkeren. Parkeeropbrengsten, geint door de gemeente, worden transparant geoormerkt voor erfgoed, musea, handhaving en de openbare ruimte (inclusief parkeren) van de Zaanse Schans.

4. Bedrijveninvesteringszone (BIZ)

Ondernemers dragen verplicht bij via een BIZ-constructie. Daarmee verdwijnt het frame dat sommigen niet meebetalen en ontstaat een structurele kwaliteitsbijdrage.

5. Vrijwillige bijdrage

Via digitale donaties en publiekscampagnes kunnen bezoekers extra bijdragen aan behoud van molens en monumenten. Dit werkt alleen als de plek authentiek en open blijft.

Dit model spreidt lasten eerlijker en is uitvoerbaar binnen bestaande juridische kaders. Geen juridische sprong in het diepe.

6. Het Zaans Museum verdient een eerlijk besluit, geen sluiproute

Het onderhouds- en exploitatievraagstuk van het Zaans Museum is groot en reëel en wordt al te lang vooruitgeschoven. Maar het is bestuurlijk onzuiver om dat vraagstuk impliciet te financieren via een afgesloten erfgoeddorp. Het verdient een zelfstandig besluit.

Daarvoor zal een onafhankelijke doorrekening gemaakt moeten worden van verschillende scenario’s, helder geformuleerd wat de publieke opdracht is, en onderzocht welke locatie op lange termijn financieel en inhoudelijk het meest logisch is.

Al in 2019 had de toenmalige directeur van het Zaans Museum, Jan Hovers, plannen om het museum te verplaatsen. Zo gek was dat helemaal niet. Maar er is een taboe op gekomen. Dat is jammer, want het Zaans Museum verdient een eerlijke en juiste afweging. Nu zit het onterecht in een polarisatie: óf het museum, óf ondernemers. En dat hoeft helemaal niet.

We denken dat het goed is om een zeer serieus onderzoek te doen naar alternatieve locaties voor het museum. Mocht dat niet lukken, dan is het zuiver om de kosten niet via de ‘Zaanse Schans’ te verhalen. Johan Remkes adviseerde in 2019 het ‘verdienmodel’ los te laten, maar dit is een manier om het via de achterdeur alsnog te doen: de Zaanse Schans moet koste wat kost de achterstallige kosten van het museum ophoesten, met alle gevolgen van dien. We willen graag dat het advies van Johan Remkes wordt opgevolgd en het eerlijke verhaal wordt verteld en regie gepakt wordt. En ‘regie’ op goede samenwerking, geen regie op uitsluiting. Dat verdient het Zaans Museum, dat nu onterecht een slechte naam krijgt.

7. Draagvlak is geen luxe: het is randvoorwaarde voor succes

Een plan zonder draagvlak wordt een vechtplan. Bewoners die zich niet gehoord voelen procederen. Ondernemers, bewoners en omwonenden die zich buitengesloten voelen zoeken de rechter. Partijen die elkaar wantrouwen blokkeren elkaar. Dat is een bestuurlijke realiteit. Er zal een partij moeten zijn die het vechten doorbreekt. Dat begint bij verantwoordelijkheid nemen om het samen op te lossen.

Erfgoedbehoud kan alleen slagen als bewoners zich betrokken blijven voelen; ondernemers mede verantwoordelijkheid dragen; erfgoedorganisaties vertrouwen hebben in hun eigen taken en in de regievoerder; en de gemeente regie voert zonder te polariseren.

Dat bereik je niet met een model dat één partij zijn zin geeft en anderen voor het blok zet, zoals nu gebeurt.

8. Politieke keuze

De keuze is niet tussen ‘doen of niets doen’.

De keuze is tussen: een juridisch risicovol afsluitingsmodel of een stevig, uitvoerbaar regiemodel zonder hekken. Wie werkelijk zegt dat erfgoed op één staat, kiest voor een plan dat direct uitvoerbaar, juridisch houdbaar en bestuurlijk rustgevend is.

Niet voor een model dat de komende jaren vooral advocatenwerk verschaft.

9. Planning

Zo zou de planning eruit kunnen zien:

Binnen 100 dagen:

  • Bestuurlijke regie vastleggen.
  • Piekdagenplan gereed.
  • Start onderzoek invoering ‘betaling bezoekers 2 a 3 euro’.
  • Transparant overzicht van kosten en inkomsten.
  • Onderzoek starten naar de toekomst van het Zaans Museum.

Binnen 1 jaar:

  • BIZ-constructie operationeel.
  • Routingverbeteringen uitgevoerd.
  • Handhavingskader aangescherpt.
  • Museumscenario’s doorgerekend.

Binnen 3 jaar:

  • Stabiel financieringsmodel.
  • Structurele samenwerking via vaste overlegstructuur
  • Parkeergarage gerealiseerd.
  • Fietspad gerealiseerd.
  • Meerjarenonderhoudsplan erfgoed op orde.

10. Slot

Erfgoed beschermen is geen ideologische keuze. Het is een verantwoordelijkheid. Maar erfgoed beschermen betekent niet dat we de Zaanse Schans moeten veranderen in een afgesloten enclave. Erfgoed floreert bij openheid (zodat iedereen ervan kan genieten en kan leren), zorgvuldigheid, samenwerking en bestuurlijke moed om je erin te verdiepen en te streven naar draagvlak, ook als je daarvoor je eigen ideaal wat moet loslaten.

Moed om te kiezen voor wat werkt. Moed om ‘nee’ te zeggen tegen wat vooral conflict oplevert en te blijven zoeken naar draagvlak en samenwerking. Het gezegde is niet voor niets: ‘alleen gaat het sneller, samen kom je verder’.

Wie de Zaanse Schans echt wil behouden, beschermt haar karakter. Niet door hekken te plaatsen. Maar door vertrouwen te herstellen en regie te voeren.

Bijlagen

Overzicht in één oogopslag (kerncijfers)

Zaans Museum

  • Structurele jaarsubsidie Zaanstad: € 2.802.177
  • Urgent onderhoud begroot: € 1,4 mln
  • Onderhoudssteun genoemd: € 0,9 mln
  • Indicatief tekort urgent onderhoud: € 0,5 mln
  • Grote renovatie-/onderhoudsopgave: ~ € 16 mln

Zaantheater

  • Structurele jaarsubsidie Zaanstad: € 3.404.185
  • Onderhoudsruimte in subsidie: € 0,4 mln per jaar
  • Benodigd onderhoud: € 1,2 mln per jaar
  • Structureel tekort onderhoud: € 0,8 mln per jaar 
  • Renovatie/verbouwing/verduurzaming: ~ € 12,5 mln 
  • Sloop/nieuwbouw: ~ € 75 mln

Bijlage

Eerder schreven we een opiniestuk over het ‘ticketmodel/erfgoeddorp’. De Orkaan heeft deze opinie 1:1 overgenomen. Marianne de Boer over toekomstplannen Zaanse Schans: ‘Recept voor teleurstelling’ – De Orkaan